Als arts in opleiding tot specialist Internationale Gezondheidszorg (AIG) is het werk van Jorrit van den Berg allesbehalve saai. Hij vertelt over zijn leertraject bij ZGT en zijn plannen voor de toekomst. “Ik ben arts in opleiding tot specialist Internationale Gezondheidszorg (AIOS AIG),” vertelt Jorrit. Vroeger heette dat ‘tropenarts’, een term die inmiddels niet meer de lading dekt van het brede en veelzijdige werkveld waarin deze artsen opereren. De opleiding is een vervolg op de studie geneeskunde en richt zich op werken in lage- en middeninkomenslanden. “Het is een specialisatie, net als chirurgie of interne geneeskunde.”
“ZGT is een ziekenhuis dat de tropenopleiding al jaren aanbiedt. Hierdoor is er binnen de organisatie veel bekendheid."
Een veelzijdig leertraject
De opleiding tot arts Internationale Gezondheidszorg (AIG) is breed van opzet. Jorrit legt uit: “Je volgt een jaar chirurgie of kindergeneeskunde, daarna een jaar gynaecologie met een focus op verloskunde.” Jorrit koos voor de chirurgische route en werkte eerder als AIOS AIG op de chirurgie in ZGT. Nu is hij werkzaam op de afdeling gynaecologie/verloskunde.
Een leerzame en veelzijdige opleidingsplek
Op de vraag hoe hij het werken in ZGT ervaart, antwoordt Jorrit enthousiast. “ZGT is een ziekenhuis dat de tropenopleiding al jaren aanbiedt. Hierdoor is er binnen de organisatie veel bekendheid. Ook is ZGT tropen-minded. Dat merk je in het bestaan van en de betrokkenheid van verschillende specialisten bij ZGT Overzee. Maar ook in het bijdragen en stimuleren van opleidingsdagen voor tropenartsen, bijvoorbeeld de jaarlijkse gipsdag”.
Jorrit prijst vooral de sfeer op de gynaecologieafdeling. “Het is hier leerzaam en persoonlijk. Je wordt niet in het diepe gegooid, maar mag echt leren op je eigen tempo. Omdat je niet altijd hoeft mee te draaien in de zorg op de afdeling, krijg je ruimte voor je eigen leerproces. Dat is uniek voor een opleidingsplaats.” Ook binnen de chirurgie is er ruimte voor ontwikkeling, al ligt daar iets meer nadruk op eigen initiatief nemen. “Je moet je opleiding meer zelf vormgeven, maar de chirurgen zijn benaderbaar en opleidingsminded. Gelukkig is daar de ruimte ook voor. Dit uit zich vooral tijdens de periode in Hardenberg, waar je vanuit ZGT enkele maanden stage loopt en waar je alle aspecten van de chirurgie kan integreren.”
"Omdat je niet altijd hoeft mee te draaien in de zorg op de afdeling, krijg je ruimte voor je eigen leerproces."
Vapen en voorlichting: jongeren bewust maken
Naast dat je klinische ervaring opdoet, maken projecten op het gebied van publieke gezondheidszorg een vast onderdeel uit van het opleidingsprogramma. “Het idee is dat je als Arts Internationale Gezondheidszorg niet alleen ziekenhuiszorg levert, maar ook oog hebt voor publieke gezondheid en preventie.” Daarom is Jorrit betrokken bij het lesprogramma ‘Artsen in de klas’, een initiatief van het LUMC waarin medici voorlichting geven over de risico’s van vapen aan brugklasleerlingen.
“Het lespakket is ontwikkeld door een longarts en patholoog,” vertelt Jorrit. “Ik geef die lessen samen met een collega en co-assistenten op middelbare scholen om jongeren bewust te maken van de risico’s.” Vapen is populair onder jongeren vanwege de kleurrijke verpakkingen, zoete smaakjes en de manier dat fabrikanten het aantrekkelijk maken. Zij richten zich specifiek op jongeren om zo klanten voor het leven te creëren. “Maar het is verslavend, schadelijk, heeft risico op ernstige longaandoeningen en heeft invloed op je conditie, huid en gebit.”
Wat goed werkt aan deze aanpak, is dat er een arts voor de klas staat. Dat maakt indruk. “Meer dan wanneer een gewone docent het vertelt.” Toch stelt Jorrit zich bescheiden op over de impact. “We richten ons op brugklassers, omdat zij nog minder gevoelig lijken voor groepsdruk. Maar hoe lang de boodschap blijft hangen, is de vraag.” Wat hem betreft is het belangrijkste dat er íéts gebeurt. “En als de les maar bij een paar leerlingen blijft hangen, is dat al winst.”
Stage in zicht: buitenland als einddoel
Het einddoel van de opleiding is duidelijk: werken in het buitenland. Jorrit en zijn vrouw bereiden zich daarop voor. “Mijn vrouw werkt als programmamanager en we zoeken een plek waar zij haar werk ook kan doen. Dit zal voor haar meer richting het centrum van steden zijn. Ik zie eerder een meer afgelegen omgeving voor me, waar je als arts echt van alle markten thuis moet zijn.” De bestemming is nog niet bepaald. “We oriënteren ons nu op mogelijkheden met verschillende organisaties.”
Of hij in het buitenland zal blijven, weet Jorrit nog niet. “Het kan altijd anders lopen – familie, omstandigheden, noem maar op.” Maar zijn doel is duidelijk. Werken met de klinische blik voorop, nuttig zijn voor de samenleving en werken met een vleugje avontuur.